Lectionarium

DAGELIJKS EVANGELIE
  • Woensdag, 5 Augustus 2020 : Uit profeet Jeremia 31,1-7.
    In die tijd ‑ godsspraak van de Heer‑ zal Ik de God zijn van alle stammen van Israël en zij zullen mijn volk zijn. Dit zegt de Heer: Het volk dat ontkwam aan het zwaard vond genade in de woestijn. Aan Israël, op zoek naar rust, is de Heer reeds van verre verschenen. Mijn liefde voor u duurt eeuwig, Ik blijf u altijd trouw. Israël, Ik richt u weer op. Weer slaan uw jonge vrouwen de tamboerijn en gaan vrolijk ten dans. Weer legt ge wijngaarden aan op de bergen van Samaria; die ze planten, zullen er de vruchten van eten. De dag breekt aan dat de wachters in het gebergte van Efraïm roepen: 'Kom, wij trekken naar Sion, naar de Heer onze God.' Want dit zegt de Heer: Jubel van vreugde om Jakob, juich om de heerser der volken. Verkondig overal Gods lof met deze woorden: 'De Heer heeft redding gebracht aan zijn volk, aan wat van Israël nog rest.'
  • Woensdag, 5 Augustus 2020 : Uit profeet Jeremia 31,10.11-12ab.13.
    Volken, hoor het woord van de Heer geeft er bericht van op verre kusten. Hij die Israël eens verstrooid, zal het verzamelen zal het behoeden zoals een herder zijn kudde. Jakob zal worden bevrijd door de Heer los uit de greep van hen die hen roofde Zingend trekken zij naar de hoogten van Sion, stralend van vreugde om de goede gaven van Jahwe, om het koren, de wijn en de olie, de schapen en de runderen. Ze voelen zich als een besproeide tuin die het nooit aan water ontbreekt. Meisjes dansen samen een vreugdedans samen met de jongens en grijaards Dan breng Ik vreugde in plaats van rouw troost en blijdschap na al hun droefheid
  • Woensdag, 5 Augustus 2020 :
  • Woensdag, 5 Augustus 2020 : Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs 15,21-28.
    In die tijd trok Jezus zich terug naar de streek van Tyrus en Sidon. Op een gegeven ogenblik trad een Kananeese vrouw afkomstig uit dat gebied naar voren, luid roepend: 'Heb medelijden met mij, Heer, Zoon van David! Mijn dochter is van een duivel bezeten en wordt verschrik­kelijk ge­kweld.' Maar Hij gaf haar in het geheel geen antwoord. Toen wendden zijn leerlingen zich tot Hem met het verzoek: 'Stuur die vrouw toch weg, want ze blijft ons achterna roepen.' Hij antwoordde: 'Ik ben alleen maar tot de verloren schapen van het huis van Israël gezonden.' Maar de vrouw kwam naderbij, wierp zich voor zijn voeten neer en zei: 'Heer, help mij!' Hij gaf haar ten ant­woord: 'Het is niet goed het brood dat voor de kinderen bestemd is aan de honden te geven.' 'Wel waar, Heer', sprak zij,'want de honden eten immers toch ook de kruimels die van de tafel van hun meesters vallen.' Daar­op zei Jezus haar: 'Vrouw, ge hebt een groot geloof! Uw verlangen wordt ingewilligd.' En van dat ogenblik was haar dochter genezen.
  • Woensdag, 5 Augustus 2020 : Commentaar Origines
          Jezus ging weg uit Israël (…) : “Jezus ging daar weg en nam de wijk naar het gebied van Tyrus en Sidon” (Mt 15,21), die naam wil zeggen “de verzameling van de volken.” Het was immers zo onder de mensen van dat gebied, dat zij die geloofden gered konden worden als ze er uit weggingen. Laat op deze woorden: “Een Kananese vrouw uit die streek kwam naar buiten en riep: ‘Heb medelijden met mij, Heer, Zoon van David. Mijn dochter is vreselijk bezeten” (v. 22). Naar mijn idee zou ze, als ze niet uit dat gebied naar buiten kwam, niet naar Jezus hebben kunnen roepen met deze schreeuw van “groot geloof”, zoals Hij het zelf verkondigde (v.28).       “In overeenstemming met het geloof” (Rm 12,6), gaat men uit het gebied van de heidense naties (…). Men moet geloven dat ieder van ons, als hij een zondaar is, zich in het gebied van Tyrus en Sidon bevindt, of van de farao en Egypte, ofwel uit welk vreemd land dan ook, naar het erfdeel van God. Maar wanneer de zondaar het kwade verlaat, en naar het goede teruggaat, dan gaat hij uit deze gebieden waar de zonde heerst, vandaan: hij haast zich naar de gebieden die deel van God zijn (…).       Merk ook deze manier van lopen van Jezus op als Hij naar de ontmoeting van de Kananese vrouw gaat; want Hij lijkt zich te begeven naar het gebied van Tyrus en Sidon (…). De rechtvaardigen zijn voorbestemd voor het Koninkrijk der hemelen en de verheffing in het Koninkrijk van God, maar de zondaars zijn voorbestemd voor de ondergang door hun slechtheid (…). De Kananese vrouw die haar gebied verliet, verliet die neiging naar de neergang, toen ze riep en zei: “Heb medelijden met mij, Heer, Zoon van David” (…). Alle genezingen die Jezus heeft vervuld, zoals de evangelisten het verteld hebben, vonden plaats opdat zij die het zagen, tot geloof kwamen. Maar deze gebeurtenissen staan symbool voor wat altijd verwerkelijkt wordt door de kracht van Jezus, want er is geen periode waar, wat geschreven is, zich niet verwerkelijkt, precies op diezelfde manier.
  • Dinsdag, 4 Augustus 2020 : Uit profeet Jeremia 30,1-2.12-15.18-22.
    Het woord van de Heer kwam tot Jeremia: Dit zegt de Heer, Israëls God: Stel alles wat Ik u gezegd heb op schrift. Dit zegt de Heer: Uw kwaal is ongeneeslijk, uw wonden zijn niet te helen. Niemand verzorgt uw zweren, uw wonden sluiten zich niet. Al uw minnaars zijn u vergeten, ze lopen u niet meer achterna, omdat Ik als een vijand op u heb ingeslagen en u meedogenloos heb gestraft om uw vele misdaden en uw talrijke zonden. Wat jammert ge dan om uw wonden en uw onverdraaglijke pijnen? Om uw vele misdaden en uw talrijke zonden heb Ik u dit alles aangedaan. Dit zegt de Heer: Ik herstel de tenten van Jakob, Ik ontferm Mij over zijn huizen. De stad wordt herbouwd op zijn puinhoop, de burcht komt weer op zijn vroegere plaats. Een loflied weerklinkt, men hoort hen weer lachen. Ik maak hen talrijk, nooit nemen ze in aantal af. Ik breng hen tot aanzien, nooit worden ze meer veracht. Hun zonen zijn voor Mij weer als vroeger, hun gemeen‑ schap blijft altijd bestaan. Hun onderdrukkers straf Ik. Hun vorst is een van hen, hun heerser komt voort uit hun midden. Ik laat hem bij Mij komen, hij mag tot Mij naderen. Wie anders zou met gevaar voor zijn leven tot Mij durven naderen ‑ godsspraak van de Heer ‑? Gij zult mijn volk en Ik zal uw God zijn.
  • Dinsdag, 4 Augustus 2020 : Psalmen 102(101),16-18.19-21.29.22-23.
    De heidenen zullen uw Naam weer duchten, de vorsten der aarde uw heerlijkheid wanneer Gij de muren van Sion herbouwt, wanneer Gij daar weerkeert in volle luister, wanneer Gij de stem der geplunderden hoort, hun smeekbeden niet naast U neerlegt. Stelt dit dan op schrift voor het komend geslacht en laat onze zonen de Heer ervoor danken. De Heer ziet omlaag van zijn heilige hoogte, Hij ziet uit de hemel op aarde neer Hij zal het geschrei der gevangenen horen, verlossen die aan de dood zijn gewijd. Het kroost van uw dienaren krijgt weer een woonplaats, hun nageslacht blijft voor uw aanschijn bestaan Dan wordt op de Sion zijn Naar weer verkondigd, zijn lof in de heilige stad; als volken en stammen daarheen zullen komen om hulde te brengen aan God de Heer.
  • Dinsdag, 4 Augustus 2020 :
  • Dinsdag, 4 Augustus 2020 : Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs 15,1-2.10-14.
    Op zekere dag kwamen Fari­zeeën en schrift­geleerden uit Jeruzalem naar Jezus met de vraag: 'Waarom overtreden uw leerlingen wat ons van oudsher is overgele­verd? Want ze wassen hun handen niet voor het eten.' Daarop riep Hij de mensen bij zich en sprak tot hen: 'Luistert en wilt verstaan: Niet wat de mond binnen­gaat, bezoe­delt de mens; de mens wordt bezoedeld door wat de mond uitgaat.' Toen kwamen de leerlingen naar Hem toe en zeiden: 'Weet Gij dat de Farizeeën bij het horen van Uw woorden er aanstoot aan nemen?' Maar Hij antwoord­de: 'Iedere aanplanting die niet door mijn hemelse Vader geplant is, zal worden uitgerukt. Laat ze maar begaan: zij zijn blinden die blinden leiden. Maar als de ene blinde de andere leidt, vallen beiden in de kuil.'

Teksten zijn ontleend aan de website "Dagelijks Evangelie, www.dagelijksevangelie.org